Weekend #25

Wat vliegen de dagen. Voor je het weet is er een week voorbij en een weekend. Voor je het weet is de zomer daar en moet je beseffen dat het nú zomer is, dat het nú is dat hét gebeurt, dat de natuur op z’n hoogtepunt is. Het jonge spul vliegt, zwemt of loopt uit de wijde wereld in, de tuin is op z’n mooist, mensen bereiden zich voor op de vakantie, of blijven thuis. Zoals ik.

Zaterdag zijn wij de uitdaging aangegaan om naar de Ikea te gaan. Als je een beetje bijtijds bent valt het over het algemeen mee en heb je nog geen last van jengelde kinderen. We gingen er alleen naar toe om een kledingrek te kopen, want Jan is al druk bezig zijn kledingkasten uit elkaar te halen.

Na de Ikea zijn we nog even Haarlem ingegaan, omdat ik op zoek ben naar een Frappé mixertje. Maar nergens te krijgen. Ja, wel op internet maar dan betaal je loads aan shipping costs. Verdorie. Hadden we het maar eerder op onze radar, dan hadden we het op Kreta kunnen kopen. Misschien gaat er nog een collega naar Griekenland. Even in de gaten houden.

dynamix-frappe-mixer-

Bij ons favoriete Tapas tentje nog even een drietal tapasjes – we hadden geen grote honger- en dan weer op huis aan. ’s Avonds aten we Mexicaans. De tortilla’s waren wel een klein beetje verbrand maar ach. Je kunt niet altijd op sterrenniveau koken.

Zondag waren we vroeg wakker. Dit keer allebei niet gelopen. Na een simpel ontbijtje – geen roerei – hebben we even wat nuttigs gedaan en het plafond van de badkamer en de hal beneden in de voorzijk… eh voorstrijk gezet. Alle tierlantijntjes uit de badkamer en meteen het goede moment om de badkamer weer eens goed schoon te maken. Het is altijd wel ergens goed voor. Het eerstkomende weekend dat er weer gelegenheid is, wordt het gewit.

En ik heb eindelijk de foto’s die ik had besteld bij Fotofabriek opgehangen zoals ze horen te hangen.

Schilderijtjes_2

’s Middags – in de regen – yeah, right, had m’n was buiten hangen – even naar een ‘festival’ De Groene Loper geweest. Een soort markt helemaal in het teken van duurzaamheid, groen, bio, uit de buurt en zo. Je kent dat wel. Eerst even verkennend over het terrein lopen en dan langzaam hier en daar wat langer blijven staan, praatje maken over windmolens en de tuin en we kwamen thuis met een plantje en een bak met schimmel.

Misschien kom ik niet erg groen over in deze blog, maar wij houden er wel degelijk rekening mee en doen ons best. Ik heb zonnepanelen, ik droog mijn was alleen in winter in de (waterpomp) wasdroger en ik heb een regenton. Het hemelwater van de nieuw aangebouwde badkamer gaat zó de tuin in en ik heb mijn tuin niet dicht gemetseld. Mijn CV staat niet hoger dan 19º in de winter, ik gebruik zo veel mogelijk biologisch afbreekbare producten, ik koop mijn groenten zoveel mogelijk op de markt en laat ik dan in mijn tas steken (dus geen verpakkingsmateriaal). Ik probeer producten te kopen uit de buurt, en niet uit verweggiestan – maar met bananen is dat best lastig – en mijn vlees komt van Schotse Hooglanders óf van de jacht, dus niet van intensieve veehouderij. 

Daarentegen rij ik wel met de auto, ga ik met het vliegtuig op vakantie, heb ik een vaatwasser (hoewel ze zeggen dat het met de hand méér water kost) en koop ik ook nog genoeg producten die in plastic verpakt zijn. Sommige dingen zou ik wel wat groener willen, maar is lastig in mijn huidige levensstijl in te passen.

O ja, die bak schimmel: je kon dus in dat zwarte emmertje wat je hierboven ziet een substraat krijgen met oesterzwambasis of broed. Daar moeten we dan koffiedrek bij doen en dit moeten we laten beschimmelen. Daar groeien dan over een aantal weken paddo’s uit. Oesterzwammen dus. Om te eten (alle paddestoelen zijn eetbaar. Sommige slechts één keer….) dus niet hallucinerende paddo’s. Wees gerust. 

Ik ben vanaf nu dus een aanrechtagrariër. En als de oesterzwammen ‘rijp’ zijn, kan ik met 20% van die schimmel nieuwe oesterzwammen maken en die andere 80% kan ik weggeven zodat anderen ook hun eigen oesterzwammen kunnen kweken. Een soort oesterzwammen-broed-ketting. Grappig hè?